Wilfred Alblas
Waarom beschermt Natuurmonumenten, een vereniging van 850.000 leden, de natuur? ‘Ter wille van de natuur zelf en ten behoeve van het geestelijke en lichamelijke welzijn van de mens,’ lees ik - in één zin - in onze statuten.
Onvermoeibaar zetten natuurbeschermers zich in voor natuurbehoud en natuurontwikkeling. Door de tijdgeest beïnvloed wisselen de aangevoerde motieven nog al eens. In de beginjaren van Natuurmonumenten was natuur al mede bedoeld om te recreëren (Thijsse’s “natuursport”), maar ook tot behoud van landschapsschoon (bezien door mensenogen, natuurlijk). Er werden gebieden aangekocht omdat je er zo goed onderzoek kon doen (door wetenschappers bepleite natuurwetenschappelijke reservaten). Later werden andere motieven belangrijk, zoals gezondheid, versterking van de stedelijke kwaliteit (“Natuur bij de stad”) en veiligheid (leidend tot waterberging in natuurgebieden en de vorming van klimaatbuffers).
Het verbinden van de natuurbeschermingsdoelen aan de maatschappelijke agenda heeft de natuurbescherming geen windeieren gelegd: langzaamaan komt er meer ruimte voor natuur in ons land. Toch schuurt dit gezonde opportunisme ook: want waar is de natuurbescherming ter wille van de natuur zelf gebleven? En mag natuur er óók zijn - en wat kosten - als het de mensen niets oplevert? Weinigen in de wereld van politiek en beleid beantwoorden deze laatste vraag momenteel positief, en het is hoe dan ook zaak die trend te keren.
Met de wildernis-wens heeft dit allemaal weinig te maken. Wildernis, in de zin van natuur die zichzelf mag zijn en zich mag ontwikkelen in de ruimte en in de tijd. Gebieden waar natuurtypen dus niet opgesloten worden op de vierkante meters aangeduid in het natuurgebiedsplan. Waar de natuurlijke successie geen bedreiging is maar een succes (want een natuurlijk proces van veroudering). Méér wildernis vergt grotere aaneengesloten gebieden. Ik zie niet in waarom mensen daar vervolgens niet zouden mogen komen om zich te verwonderen en zich te laten inspireren. Sterker nog: ik denk dat we al het gezonde opportunisme nodig zullen hebben om de mensen voor dit idee te winnen. Dat lijkt me kansrijker dan het afsluiten van kleine stukjes bos.
Wilfred Alblas
Regiodirecteur Groningen, Friesland en Drenthe
Natuurmonumenten



